De Buitengewoon OpsporingsAmbtenaar 2013

Dit hoofdstuk in Word klik hier

De Opsporingsambtenaar

De buitengewoon Opsporingsambtenaar

 

 

Titel van opsporingsbevoegdheid. Artikel 142 van het WvSv, wijst de personen aan die als buitengewoon opsporingsambtenaar met de opsporing van strafbare feiten belast. Die in de akte van opsporingsbevoegdheid staan genoemd. De titel is in dit verband vertaald als rechtsgrond.

Titel van opsporingsbevoegdheid (geldige titel)

 

Individuele aanwijzing

Categoriale aanwijzing

Aanwijzing bij bijz. wetten of verordeningen

wie verleend de aanwijzing

Minister van justitie of college van procureurs-generaal

Minister van justitie of een eenheid van functionarissen binnen een organisatie

Door de in de Bijzondere wet genoemde autoriteit.

Aanvullende bevoegdheid door minister van Justitie

 

De personen aan wie de akte van opsporingsbevoegdheid is verleend.

Meerderjarige personen, behorend tot de aangewezen categorien.

De personen die bij bijzondere wetten met opsporing van de daarin bedoelde strafbare feiten worden belast.

Wanneer wordt deze gegeven

Meestal kleinere opsporingsdiensten en instanties zoals:

  Gemeente

  provincie

  Vereniging

  Stichting

Dit zijn vaak landelijk werkende opsporingsdiensten zoals:

alg. insp.dienst

economische contr.

Ned. spoorwegen

Op grond van bijzondere wetten

  Provinciewet

  Gemeentewet

  Waterschapswet

 

Aanwijzing bij bijzondere wetten; zijn bijvoorbeeld de wegen verkeerswet jachtwet, onderwijs enz.

Aanwijzing bij verordening; de toezicht op naleving van de verordening zijn belast, de buitengewoon opsporingsambtenaar van de gemeente.

Ook het document akte van opsporingsbevoegdheid staat onder lid 1 van art. 142 van WvSv, in deze akte staat ondermeer voor welke strafbare feiten de BOA bevoegd is tot opsporen. Deze akte wordt persoonlijk verstrekt.

Aanvullende opsporingsbevoegdheden kan indien noodzakelijk verstrekt worden door een aanwijzing van de minister van veiligheid en Justitie.

Wanneer krijg je opsporingsbevoegdheid

Als je aan 3 eisen voldoet en wel:

  1. Titel van opsporingsbevoegdheid

De opsporingsbevoegdheid moet noodzakelijk zijn

  1. Bekwaam

Het boa examen

  1. Betrouwbaarheid

Er moet sprake zijn van onbesproken gedrag

  1. Opsporingsbevoegdheid Noodzakelijk

Grondgebied en strafbare feiten

  1. Beschikt over Akte van bediging

Bediging vindt plaats Door de minister van justitie die de politiechef aanwijst voor de werkelijke bediging

Wat staat in de akte van bediging

  Grondgebied

  Strafbare feiten

  Evt. politiebevoegdheden,

De opsporingsbevoegdheid moet noodzakelijk zijn voor het uitoefenen van de functie van betrokkene of de dienst waarbij hij werkzaam is, Tevens is als voorwaarde gesteld, dat een beroep op de politie voor het uitoefenen van deze opsporingsbevoegdheid bezwaarlijk, niet mogelijk of niet wenselijk moet zijn

Politiebevoegdheden:

In principe mag de buitengewoon opsporingsambtenaar niet de zogenaamde politiebevoegdheden toepassen. Het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar bedoelt hiermee het aanwenden van geweld, het toepassen van vrijheidsbeperkende middelen en van de veiligheidsfouillering

Geweld elke dwangmatige kracht van meer dan geringe betekenis uitgeoefend op personen of zaken.

Veiligheidsfouillering het oppervlakkig aftasten van de kleding met het oog op het aantreffen van voorwerpen, waarmee berokkende aan zichzelf, de opsporingsambtenaar of anderen letsel kan berokkenen. En kan worden toegepast ten aanzien van personen.

De Boa is bevoegd de politie bevoegdheid te gebruiken, als deze politie bevoegdheid in de akte staat en wanneer het beoogde doel dit, mede gelet op de aan het geweld verbonden gevaren, rechtvaardigt en dat het doel niet op een andere wijze kan worden bereikt.

 

Het intrekken, vervallen of beindigen van de opsporingsbevoegdheid.

De bevoegdheid kan worden ingetrokken op aanvraag van de werkgever of indien het noodzakelijke niet meer aanwezig is.

Artikel 35 besluit buitengewoon opsporingsambtenaar lid 1 zijn afvloeiing regels zoals einde contract werkgever, andere functie ed.

Lid 2 komt voort uit overtredingen die de ambtenaar heeft verricht als BOA zijnde.

 

Instructie voor de BOA Betreden van plaatsen is niet toegestaan, als de BOA hier niet toe bevoegd is, het zelfde geld voor aanhouden buiten heterdaad in geval dat dit niet is toegestaan

Bij misbruik kan de BOA zijn opsporingsbevoegdheid kwijt (Artikel 35 besluit buitengewoon opsporingsambtenaar lid 2)

  Legitimatie bij zich dragen, en als ernaar gevraagd word moet deze direct getoond worden.

  Dragen een insigne om beter herkenbaar te zijn voor het publiek. Tenzij ze onherkenbaar moeten zijn omdat de werkzaamheden van de Boa kan belemmeren.

  Standplaats en nummer akte van bediging vermelden in het proces-verbaal

  Aanwijzingen officier van justitie opvolgen,

  Bekwaamheid en betrouwbaarheid op peil houden

 

Toezichthouders op de buitengewoon opsporingsambtenaar:

Minister vanVeiligheid en Justitie ziet toe dat de BOAs voldoen aan de eisen die gesteld zijn. Onder toezicht moet worden verstaan het toezicht op de opsporingsactiviteiten en het functioneren van de buitengewoon opsporingsambtenaar als opsporingsambtenaar. Niet de andere activiteiten of het overig functioneren van die persoon.

Voor dit toezicht wijst de procureur-generaal een toezichthouder en een directe toezichthouder aan.

Als toezichthouder is een Hoofdofficier van justitie in de politieregio aangewezen. Als de buitengewoon opsporingsambtenaar bevoegd is in het hele land op te treden dan wijst de minister van justitie iemand van het openbaar ministerie aan

een (Hoofd) officier van justitie.

Als direct toezichthouder worden aangewezen:

  • de politie chef van de landelijke politie wordt aangewezen als het grondgebied waarbinnen de BOA opsporingsbevoegdheid bezit, is gelegen binnen het gebied van de regionale eenheid van de politie de politie taak uitvoert.
  • de politie chef van de landelijke politie of het hoofd van een onder centrale overheid ressorterende landelijke dienst wordt aangewezen als het grondgebied waarbinnen de BOA opsporingsbevoegdheid bezit, groter is dan het gebied van een regionale eenheid van de politie de politie taak uitvoert.
  • De commandant van de Koninklijke Marchaussee, als de BOA werkzaam is bij de krijgsmacht.

Artikel 38 besluit BOA

De toezicht houder ziet er op toe dat de BOA zijn taak bij de opsporing naar behoren vervult en de opsporingsbevoegdheid alsmede de politiebevoegdheden op de juiste wijze uitoefent. Hij ziet eveneens toe op een goede samenwerking met de politie.

 

 

 

 

Als de BOA in het hele land zijn bevoegdheden mag uitoefenen dan wijst de minister van justitie een korpschef aan.

Klachten over de BOA KLACHTEN MET BETREKKING TOT DE UITOEFENING EN OPSPORINGS- en POLITIE BEVOEGDHEDEN moeten direct gemeld worden bij de toezichthouder en direct toezichthouder.

Samenwerking met politie De BOA is verplicht samen te werken met de politie.

Algemeen opsporingsambtenaren:

Mogen ALLE strafbare feiten opsporen Art 141 WvSV

Buitengewoon opsporingsambtenaren:

Bevoegd om BEPAALDE strafbare feiten op te sporen (vermeld in akte van bediging) Art 142 WvSV

-          officieren van Justitie

-          amb. van politie aangesteld voor de uitvoering van politie taken

-          vrijwillige amb. van politie

-          bijzondere amb.van politie

-          Officier en onder Officier van de Koninklijke Marechaussee

-          Door de min. van justitie en defensie gezamenlijk aangewezen militairen van dat wapen

-Personen op naam gestelde akte

-personen waarvoor een categoriale aanwijzing is Afgegeven

-Personen die een opsporingsbevoegdheid hebben gekregen op grond van een Bijzondere wet of verordening

 

 

Artikel 2 politiewet 2012

Ambtenaren van de politie in de zin van de Wet zijn:

  Ambtenaren,die zijn aangesteld voor de uitvoering van de politietaak.

  Ambtenaren, die zijn aangesteld voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken van politie.

  Vrijwillige ambtenaren, aangesteld voor de uitvoering van de politie taak.

  Ambtenaren van de rijksrecherche die zijn aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, onderscheidenlijk voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken van politie ten dienste van de rijksrecherche.(deze onderzoeken in opdracht van het college van procureurs-generaal bijvoorbeeld strafrechtelijke en disciplinaire onderzoek bij de politie.)

 

Taken van politie

Artikel 3 politiewet 2012

De politie heeft tot taak in ondergeschiktheid aan het bevoegd gezag en in overeenstemming met de geldende rechtsregels te zorgen voor de daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde en het verlenen van hulp aan hen die deze behoeven.

Ondergeschikt aan het bevoegd gezag de politie is geen zelfstandige macht en mag niet naar eigen inzicht optreden.

Overeenstemming met de geldende rechtsregels de politie moet bij zijn optreden blijven binnen de bevoegdheden, die de wet haar toekent.

Daadwerkelijk handhaven van de rechtsorde dat de politie zo nodig geweld moet aanwenden om te zorgen dat de in onze maatschappij geldende regels worden nageleefd.

Verlenen van hulp aan die deze behoeven dus die daadwerkelijk hulp nodig hebben een kat uit de boomhalen kan de buurman doen , drenkelingen redden de reddingbrigade, sloten los maken de slotenmaker ed. de politie noemt deze hulp ook wel noodhulp.

 

Het gezag over de politie

Taken politie

Wie heeft gezag over de politie

Hulpverlening

Handhaving en uitvoering van de hulpverleningstaak

  Burgermeester

  Commissaris van de koningin

  Minister van Binnenlandse zaken

en Koninkrijk relatie

Handhaving openbare orde en hulpverlening

  Burgermeester

  Commissaris van de koningin

  Minister van Binnenlandse zaken

en Koninkrijk relatie

Rechtsorde handhaving

Strafrechtelijke Handhaving rechtsorde

  Ovj

  College van procureurs-generaal

  Min. Van Justitie

Veiligheidsregios

Zijn er om inwoners uit een bepaald gebied te beschermen tegen risicos van branden en rampen en om betere hulpverlening en na zorg te geven tijdens en na deze gebeurtenis.

  Een van de burgemeesters, van een gemeente in zn gebied, is de voorzitter van het regionaal beleidsteam.

De organisatie van de politie

De politie bestaat uit:

         Regionale eenheden, belast met de uitvoering van de politietaak De dagelijkse leiding ligt bij de politiechef die ondergeschikt is aan de korpschef.

         Een landelijke eenheid, belast met de uitvoering van de politietaak De dagelijkse leiding ligt bij de politiechef

         Een landelijke eenheid, belast met ondersteunende diensten(dus geen politietaak) De dagelijkse leiding ligt bij de politiechef die ondergeschikt is aan de korpschef.

 

De politie oefent zijn taak uit in het gebied waar hij is aangesteld.

Er zijn 3 omstandigheden waaronder hij buiten zijn gebied zijn taak mag uitvoeren:

  1. Als zijn optreden redelijkerwijs noodzakelijk is.
  2. In de gevallen die bij of krachtens de wet geregeld zijn.
  3. In opdracht of met toestemming van het bevoegd gezag, zoals burgemeester of de officier van justitie.

 

Boa acht1 (29K)

www.waterkonijn.nl